Training kindgesprek o.b.v. Inclusie en het hoorrecht van kinderen

 315,00

Een paradigmawisseling: Inclusie en het hoorrecht van kinderen

Belangrijk in het kader van inclusie en het (aanstaande) hoorrecht is dat kinderen zelf inzicht krijgen in hun kunnen, in hun niet kunnen en in hun eigen leer- en ontwikkelproces. Er wordt een paradigmawisseling bepleit van: “Als ik als leraar/begeleider het probleem van het kind ken, kan ik zijn/haar probleem oplossen”, naar “Het kind moet inzicht krijgen in zijn/haar eigen kunnen en kennen en dan kan hij/zij daar vervolgens naar handelen.
Informatie over deze 3-daase training vindt u in het linkermenu.

Beschrijving

Een paradigmawisseling: Inclusie, recht van het kind en het hoorrecht van kinderen
Belangrijk in het kader van inclusie en het (aanstaande) hoorrecht is dat kinderen zelf inzicht krijgen in hun kunnen, in hun niet kunnen en in hun eigen leer- en ontwikkelproces. Er wordt een paradigmawisseling bepleit van: “Als ik als leraar/begeleider het probleem van het kind ken, kan ik zijn/haar probleem oplossen”, naar “Het kind moet inzicht krijgen in zijn/haar eigen kunnen en kennen en dan kan hij/zij daar vervolgens naar handelen.

Alle kinderen kunnen vanuit nieuwsgierigheid en verwondering hun talenten en kwaliteiten ontwikkelen en op hoger niveau ontwikkelen. Het is hierbij van belang dat kinderen niet alleen bewust zijn van hun sterke kanten, maar zich ook bewust zijn van eventuele beperkingen/ belemmeringen in hun leer- en ontwikkelproces. Kinderen moeten worden uitgedaagd in hun Zone van Naaste Ontwikkeling op basis van een reëel en door alle betrokkenen, inclusief het kind, gedeeld zelfbeeld. Het is belangrijk dat zowel het kind als de professional weten wat de kwaliteiten, talenten en beperkingen zijn en wat het leer- en ontwikkelpotentieel is. Het inzetten op het ontwikkelen van de metacognitie van kinderen biedt hierbij houvast.

Er zijn vele manieren om metacognitie tot stand te brengen. Gemeenschappelijke deler is dat als kinderen begrijpen waarom zij iets (moeten) leren, zij leren en ontwikkelen meer als een uitdaging gaan zien en hun motivatie om te leren groter wordt. Ook leren kinderen, als leraren/begeleiders hen ondersteunen bij de ontwikkeling van hun (meta)cognitieve functioneren, (steeds meer) verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen leer- en ontwikkelproces. Voorgaande betekent onder meer dat er in gesprekken met kinderen niet alleen gekeken wordt naar de cijfers op de kernvakken, maar ook naar vaardigheden die zich niet of lastig in cijfers laten uitdrukken, zoals sociale (burgerschaps-)vaardigheden, (meta)cognitieve vaardigheden en executieve functies.

Training kindgesprek o.b.v. inclusie en hoorrecht

Inhoud training

Kindgesprek
In een kindgesprek maakt de leraar/begeleider het kind (metacognitief) bewust van zijn/haar eigen leer- en ontwikkelproces Als wij samen met het kind zijn/haar ondersteuningsbehoeften willen formuleren dan moeten we het leren ‘samen’ te doen. Alle kinderen ongeacht hun leeftijd en/of hun verbale vaardigheden kunnen een (ontwikkel-/kind-) gesprek voeren. De focus en/of aanleiding van het kindgesprek kan variëren:
1. een intercultureel gesprek
2. een klachtengesprek
3. een slechtnieuwsgesprek
4. een probleemoplossend gesprek
5. een diagnostisch gesprek
6. een complimenterend gesprek
7. een begeleidingsgesprek zowel vakinhoudelijk als didactisch
8. een gesprek naar het welbevinden van het kind
9. een voorlichtingsgesprek
10. een adviesgesprek
11. een disciplinegesprek

Inhoud
Thema’s die aan de orde komen tijdens de training zijn onder meer:
1. Het (wettelijk) kader m.b.t. inclusie, inclusief onderwijs en het hoorrecht van kinderen
2. De paradigmawisseling; het kind in beeld, spreken met i.p.v. over het kind
3. Het (theoretisch) kader van de ondersteuningsbehoeften van kinderen en het voeren van kindgesprekken
4. De systematiek van het kindgesprek
5. 11 soorten kindgesprekken
6. Probleemeigenaarschap en verantwoordelijkheid bij het voeren van kindgesprekken
7. De kwaliteiten van de professional m.b.t. het voeren van gesprekken met kinderen

Werkvormen
Werkvormen die tijdens de training gebruikt worden zijn:
1. Interactieve colleges
2. (Verwerkings-)opdrachten
3. Door de professional zelf gemaakte (audio- of visuele) opnames
4. Reflectievormen, incl. het opstellen van persoonlijke leer- en ontwikkelpunten
5. Evaluatievormen

Opbouw:
De training bestaat uit drie dagdelen.

Dagdeel 1:

  • Het (wettelijk) kader m.b.t. inclusie, inclusief onderwijs en het hoorrecht van kinderen.
  • De paradigmawisseling; het kind in beeld, spreken met i.p.v. over het kind.
  • Het (theoretisch) kader) van de ondersteuningsbehoeften van kinderen en het voeren van kindgesprekken.
  • Reflectie en evaluatie.

Dagdeel 2:

  • Verdere uitwerking van het (theoretisch) kader) van de ondersteuningsbehoeften van
  • kinderen en het voeren van kindgesprekken.
  • De systematiek van het kindgesprek.
  • De 11 soorten kindgesprekken.
  • Bespreken van de door de deelnemers zelf gemaakte (audio- of visuele) opnames.
  • Het opstellen van persoonlijke ontwikkel- en leerpunten van de deelnemers.
  • Reflectie en evaluatie.

Dagdeel 3:

  • Probleemeigenaarschap en de verschillende verantwoordelijkheden bij het voeren van kindgesprekken.
  • De kwaliteiten van de professional m.b.t. het voeren van gesprekken met kinderen.
  • Op ontwikkelingsgerichte interactie tussen professional en kind, waarbij er o.a. aandacht wordt besteed aan: samenvatten, parafraseren, luistervaardigheden, reflectie en wederkerigheid.
  • Continuering van het bespreken van de door de deelnemers zelf gemaakte (audio- of visuele) opnames.
  • Continuering van het opstellen van persoonlijke ontwikkel- en leerpunten van de deelnemers.
  • Afronding en reflectie en evaluatie.

Casussen: Om de trainingsdagen een praktische invulling te geven, wordt van de deelnemers verwacht dat zij zoveel mogelijk in eigen tijd de theorie eigen maken.
Casussen kunnen door de cursisten zelf worden ingebracht en ter plekke behandeld. Het direct toepasbaar maken van de theorie is één van de belangrijkste kenmerken van de training.
Verwacht wordt dat iedereen de opdrachten uitvoert en het van tevoren meldt als de opdrachten onverhoopt niet uitgevoerd kunnen worden.

Voorwaarden: Om de cursusdagen een praktische invulling te geven, wordt van de deelnemers verwacht dat zij zoveel mogelijk in eigen tijd de theorie eigen maken.
Casussen kunnen door de cursisten zelf worden ingebracht en ter plekke behandeld. Het direct toepasbaar maken van de theorie is één van de belangrijkste kenmerken van de training. Verwacht wordt dat iedereen de opdrachten uitvoert.

Kindgesprek StiBCO
Gesprek o.b.v. inclusie en hoorrecht

Praktische informatie

Cursusdagen:
Zaterdag 21 september, 12 oktober en 23 november 2024
Cursustijden: 09:30 – 15:00 uur
Cursusplaats: Evertshuis, Julianastraat 4, 2411 CV Bodegraven
Certificaat: bij 80% aanwezigheid en uitvoering van de (huiswerk)opdrachten
Trainer: Emiel van Doorn

Trainer

Emiel van Doorn
Ik heb in 1988 gekozen om te werken met kinderen, jongeren en volwassenen met een ontwikkelingsachterstand, mensen bij wie het even stevig tegenzit, maar ook meer- en hoogbegaafden die onvoldoende cognitief en sociaal uitgedaagd worden zowel in de zorg, het onderwijs als in het bedrijfsleven. Mede daarom het ik mij vanaf 1992 gaan verdiepen (wetenschappelijk) in cognitie, cognitieve functies, executieve functies en metacognitie. Dat heeft geleid tot het ontwikkelen van allerlei trainingen en opleidingen. En waar ik het meest trots op ben de omgekeerde piramide van de cognitieve functies. Het verdiepen in Moskou en Sint Petersbrug in de Zone van de naaste Ontwikkeling van Vygotsky begin 21ste eeuw was voor mij een openbaring. Dit mede omdat ik mij als tegenhanger van de IQ-testen ben gaan verdiepen in Dynamic Assessment (Leerpotentieel Onderzoek) wat als test veel bruikbare handvaten geeft aan de geteste, de ouders en de leerkrachten. Sinds april 2022 ben ik bevoegd opleider van de Dynamic Assessment trainingen in Nederland. De belangrijkste reden om mij te blijven ontwikkelen en bij te blijven leren is ook de reden geweest om in 1988 de stichting StiBCO op te richten, de stichting die zich al jaren richt op inclusie en op inclusief onderwijs.